filter op onderwerp

filter op regio

zoek naar:  

Nieuws

08mrt
10
 Witte merels, zwarte zwanen

Het is crisis, en ja, er sluiten bedrijven. Dat lezen en horen we dagelijks in de media. Maar er mag best wat meer aandacht gaan naar zij die wél nog ondernemen. Dat schrijft Jo Libeer in zijn maandelijkse column.

Tegengas

Binnen het kader van het vastgeroeste denken bestaan er geen verrassingen. Eenmaal een fenomeen bestaat en zich uitdiept, komt er een soort ijzeren logica op gang die eigenlijk voorspelbaar is. “Het ligt in de lijn der verwachtingen”, zeggen ze dan. Soms, een enkele maal, is het een self-fulfilling prophecy.


Vandaag zien we de voorspelde uitrol van de (financiële) crisis: sluiting van bedrijven, faillissementen, downsizing en veel ontslagen. En in die omstandigheden zie je ze op je afkomen en de toon zetten: de onzekerheid schuwende analisten, de risicomijdende financiers, de humaninterestjournalisten die op slecht nieuws uit zijn en de vakbonden die kolommen lang klagen over het aangedane onrecht (door de andere uiteraard) en hun verontwaardiging uitschreeuwen. En, evident, de politici die meeleven, meevoelen en die ondertussen weten dat ze de individuele verwachtingen die in hen gesteld worden niet kunnen waarmaken. Tewerkstelling gebeurt immers niet bij decreet. Kortom, de grote megafoon wordt bovengehaald om te beschrijven en te versterken wat is. Wat we eigenlijk allemaal zien. En het kleurt je dag: grijs. Zeer grijs.

 

“Voor de ontdekking van Australië waren de mensen in de Oude wereld ervan overtuigd dat alle zwanen wit waren. In hun ogen was dat een onbetwistbaar feit, aangezien het geheel bevestigd werd door empirische bewijzen. Tot die ene zwarte zwaan opdook… Een algemeen aanvaarde bewering werd door één waarneming ontkracht. Zwarte zwanen zijn toevallige gebeurtenissen die ons leven bepalen en aan de grondslag liggen van bijna alle belangrijke gebeurtenissen in de geschiedenis. En we hebben ze niet zien aankomen. Omdat we immers geneigd zijn om te simplificeren, verhalen te maken, in hokjes te duwen en niet open te staan voor het onmogelijke.” (Nassim Nicholas Taleb, De Zwarte Zwaan)

 

Hoewel.

 

Soms ontmoet je personen, eigenlijk gewone mensen – die in veel gevallen bij u om de hoek wonen – die uitzonderlijke dingen doen. Die wel die openheid hebben, die niet blind zijn voor toeval en daarom hun kansen niet mislopen. Omdat ze die onmogelijke droom hebben en het geluk forceren. Omdat ze verder kijken dan die grijze dag in het Nu. Het zijn de ‘Witte Merels’, mensen van het ondernemende type. Die lijken mij veel interessanter en eigenlijk relevanter dan de beschrijvers van wat er Nu niet gaat, dan de klerken die verklaren waarom de dingen Nu niet goed gaan, dan de beheerders van de (illusoire) verworvenheden. Omdat zij, die ondernemers, de verkenners van de toekomst en daarom een factor van verandering zijn. Omdat zij de enigen zijn die een uitkomst aanbieden.
Op een moment dat de waan van de dag de evident bestaande problemen uitvergroot, kan ik voor de vuist ondernemingen - dat merkwaardige samenspel tussen werknemers en werkgevers - opsommen die aanwerven, die de economie transformeren, die zichzelf heruitvinden (en ja, om dat te doen kan de sociale kost soms hoog zijn). Die vechten. Op datzelfde moment, waar de groeiende werkloosheidscijfers de toon zetten, blijven er nog steeds veel openstaande vacatures.


De ontslaggolven in een aantal grote ondernemingen hebben veel ‘airplay’ gekregen. Maar het is niet omdat een grote boom met veel lawaai omvalt dat de rest van het bos daarom niet groeit.


Laat ons die (nieuwe) groeiende struiken en bomen, klein en groot, koesteren. Want daar… fluiten Witte Merels.

Auteur : Jo Libeer
Bron : Vokatribune maart 2010

terug