Innovatie op het autocircuit
Dat is niet evident, en de Clean Week wordt soms zelfs gezien als ‘a religious party in a red light district’, zo weet algemeen directeur Peter Hudders. Maar het Circuit doet er alles aan om het tegendeel te bewijzen. En dat lukt meer dan behoorlijk.
Het is even slikken wanneer je voor het eerst met de auto het domein van ‘Circuit Zolder’ oprijdt. Terwijl je tegen een maximum toegelaten snelheid van dertig kilometer per uur over de gewone rijbaan naar de hoofdgebouwen met bijhorende parking rijdt, razen er links en rechts op het parcours raceauto’s voorbij tegen een duizelingwekkende snelheid. Vooral het bijhorende geluid maakt dat je iets steviger je stuur vastknijpt dan anders.
“Vandaag is het donderdag, dat is traditioneel onze oefendag. Het is niet altijd zo”, lacht marketing manager Walter Goossens wanneer hij me ontvangt in zijn kantoor. Later zal ook Peter Hudders, algemeen directeur van Circuit Zolder, erbij komen zitten.
In België is Circuit Zolder, naast het kleinere Mettet, het enige ‘permanent gesloten circuit’ (circuit dat niet over de openbare weg loopt nvdr.) voor de autosport. Francorchamps is dat de facto ook, al loopt het parcours een klein stuk over de openbare weg. Maar binnen het milieu van de autosportcircuits spreekt men al lang niet meer over nationale markten. De circuits meten zich ten minste met de andere Europese circuits en meestal zelfs met circuits wereldwijd.
In dat opzicht is Circuit Zolder een kleine speler, maar toch geniet het een zeker aanzien. Dat heeft alles te maken met zijn strategie om voortdurend te diversifiëren en te innoveren. Het is daarom dat -Vokatribune graag een praatje wilde maken met twee topmannen van dit uitzonderlijk bedrijf.
Innovatie op een circuit. Wat kunnen we ons daarbij voorstellen?
Walter Goossens, marketing manager: “Hoewel we ons willen blijven profileren als een auto- en motorsportcircuit, zijn we ons in de loop van de jaren meer en meer gaan diversifiëren. Vooral ‘cycling’ is daar een wezenlijk onderdeel van. We hebben bijvoorbeeld een heus BMX-parcours, en van 17.30 tot 21.30 uur staat het circuit open voor de wielersport. Soms rijden er tot zevenhonderd wielertoeristen en beroepsrenners rond in peloton. Het is een ware hype aan het worden.”
Peter Hudders, algemeen directeur: “We hebben ons ook op de incentivemarkt gestort. We promoten het domein en onze infrastructuur bij bedrijven om hun events, teambuilding- of promotieactiviteiten te organiseren. Ook dat slaat aan. Het is eens wat anders dan de klassieke congreszalen. En geef toe: de sfeer, het geluid, de kleurrijke racewagens,… het geeft een kick, een avontuurlijk gevoel bij iedereen die hier komt. Het brengt je meteen in een andere sfeer.”
Goossens: “Daarnaast bieden we onderdak aan een aantal organisaties, zoals Promove, dat lessen geeft in defensief, ecologisch en veilig rijden. We zijn ook uitgekozen als locatie voor het Vlaamse Verkeers- en Mobiliteitseducatief Centrum, een project opgestart door voormalig minister van Mobiliteit Steve Stevaert. We hebben daarvoor drie hectare van ons domein gereserveerd. De eerste activiteiten worden volgend jaar al verwacht. Over twee jaar zou het centrum op volle toeren moeten draaien.”
Vormt duurzaamheid een belangrijk onderdeel van jullie innovatiestrategie?
Hudders: “Je zou zelfs kunnen stellen dat ecologie en duurzaamheid de fundamenten vormen van onze innovatiestrategie. Heel het cyclingverhaal valt eronder, maar we doen nog veel meer op dat vlak. We kopen nu al groene energie aan, maar binnenkort zullen op ons domein ook twee windmolens draaien. Verder onderzoeken we hoe en waar we hier het best zonnepanelen kunnen installeren.”
Goossens: “We zijn ondertussen ook opgenomen als proeftuin in een haalbaarheidsstudie van Vlaams minister Ingrid Lieten over de verdere ontwikkeling van elektrische mobiliteit in Vlaanderen. Wanneer straks onze windmolens draaien, dan moeten we bij wijze van spreken slechts een draad naar beneden trekken om de stekker in de elektrische wagens te kunnen steken.”
Hudders: “We promoten ons ook wereldwijd als groene pionier, we konden daarvan al de eerste vruchten plukken. Binnen de internationale associatie van permanent gesloten circuits (AICP), dat zowat alle belangrijkste circuits wereldwijd verenigt, is het kleine Zolder uitverkozen om de werkgroep ‘noise reduction’ voor te zitten. Dat zien we als een hele eer, en ook als een teken dat onze reputatie als ‘groene pionier’ ook internationaal weerklank vindt.”
Binnenkort organiseren jullie ook een Clean Week. Dat past ook in de groene strategie?
Goossens: “Het vormt de apotheose van al onze inspanningen tot nu toe. We spelen al elf jaar met het idee om zo’n week te organiseren. Maar bij eerdere pogingen in 2001 en 2004 moesten we telkens vaststellen dat de automotive sector er nog niet klaar voor was. Men zag er de noodzaak niet van in, er was te weinig interesse. Nu duurzaamheid niet alleen een ecologische maar ook een economische noodzakelijkheid is geworden, houden zowat alle automerken er zich mee bezig. Vandaag is de tijd dus rijp om een Clean Week te organiseren. Het is ook tijdens die week dat Circuit Zolder met zijn groene strategie zal uitpakken. We zullen tijdens de week aantonen dat het ons menens is, en niet alleen voor een traject van één jaar, maar voor minstens tien jaar.”
Hudders: “Mensen trekken soms nog de wenkbrauwen op wanneer ik vertel dat we hier een Clean Week organiseren. Het wordt gezien als ‘a religious party in a red light district’. Maar het is aan ons om te bewijzen dat dat niet zo is. En op dat vlak zitten we helemaal op de juiste weg.”
Auteur : Sandy Panis
Bron : Vokatribune april 2010